Luzerne telen op het ritme van de natuur

205016
Ko van den Boom - Nieuwe Oogst

Luzerne is een aantrekkelijk broedgewas voor de veldleeuwerik. Een risico is wel dat er meerdere keren per jaar wordt gemaaid. Het tijdstip van de eerste snede en de interval tot de tweede snede zijn doorslaggevend voor het broedsucces. ZLTO doet hier samen met Kenniscentrum Akkervogels onderzoek naar en verkent tegelijkertijd samen met adviesbureau CLM de marktkansen voor luzerne. Ook drogerij Timmerman is er nauw bij betrokken.


Op Schouwen Duiveland nemen meerdere boeren deel aan een pilotproject van ZLTO en partners: ‘Biodivers geteelde luzerne en marktkansen’. De centrale vraag is: hoe telen we luzerne met oog voor broedvogels zoals de veldleeuwerik?

Luzerne is een extensief, meerjarig en eiwitrijk voedergewas, dat geen bemesting of gewasbeschermingsmiddelen nodig heeft. De keuze voor dit duurzame gewas maakt de landbouw diverser. Het biedt een aantrekkelijke nestlocatie aan allerlei broedvogels. Doordat luzerne bloeit, komen er veel insecten en hommels op af.

ZLTO-projectleider Wico Dieleman licht de achtergrond van het project toe. ‘We testen aangepast maaibeheer met een teelt die gedroogd wordt en ten goede komt aan de veldleeuwerik, een van de bekendste akkervogels van Zuidwest-Nederland. Die hebben we gekozen als boegbeeld voor akkervogels in het algemeen, zoals de patrijs, de graspieper en de gele kwikstaart.’

Vogelvriendelijke maaicyclus

Veldleeuweriken zijn boerenlandvogels die in Zeeland thuishoren, maar die in het recente verleden sterk achteruit zijn gegaan. Onder andere bij intensief maaibeheer treden grote verliezen op. De projectpartners experimenteren met maaibeheer dat rekening houdt met akkervogels. ‘Het tijdstip van de eerste en tweede snede is allesbepalend in de slagingskans voor een paartje leeuweriken om voldoende kuikens groot te brengen. Hierbij valt of staat de populatiegroei’, aldus Dieleman.

De veldleeuwerik heeft een interval van minstens 45 dagen nodig tussen twee sneden om haar broedcyclus te kunnen voltooien. Tegen die tijd zijn de kuikens vliegvlug. Dieleman: ‘Eerder maaien geeft verlies van kuikens. Daarom zoeken we naar het optimale maaimoment.’ Er liggen volgens de ZLTO-projectleider verschillende percelen met luzerne naast elkaar en op elk daarvan geldt een ander maairegime. ‘Kenniscentrum Akkervogels zoekt de nesten van de veldleeuweriken om te achterhalen hoe de broedcyclus zich verhoudt tot het gekozen maairegime.’

Andere projectpartners zijn Drogerij Timmerman uit Kortgene, die de luzerne maait, droogt en tot brokjes verwerkt en CLM. ‘CLM onderzoekt de marktkansen van het luzerne-eindproduct. Er tekent zich al een richting af die veelbelovend lijkt, met name in het hogere segment’, geeft Dieleman aan. ‘We zien steeds meer consumenten die bewust kiezen voor goed en gezond voer voor hun paard, konijn of cavia. Als consument lever je met gedroogde luzerne een bijdrage aan de biodiversiteit in eigen land en help je de akker- en weidevogels. Mogelijk is dit een ecologische dienst voor de agrariër.’

Het project moet natuur en volhoudbare landbouw optimaal op elkaar afstemmen. Kleine stapjes in de goede richting maken, dat telt voor Dieleman. ‘Het project loopt twee jaar, we zijn net begonnen. Als het met de akkervogels goed gaat, wint de kringloop. Vogels eten insecten en het bodemleven gaat vooruit. Daar doen we het voor.’

Woensdag 7 september staat er een veldbijeenkomst gepland in het pilotgebied. Belangstellenden kunnen zich laten informeren over de tussentijdse resultaten van dit project. Meer info via wico.dieleman@zlto.nl.

Achtergrond project

Het project ‘Biodivers geteelde luzerne en marktkansen’ valt onder het Interbestuurlijk programma (IBP) dat in 2018 is ondertekend door het ministerie van LNV, IPO, Unie van Waterschappen en VNG. Het rijk trok 40 miljoen euro uit voor in totaal vijftien gebieden, waaronder de Zuidwestelijke Delta. Voor dit project is er cofinanciering vanuit de provincie Zeeland en inzet van Wageningen University & Research.

De Zuidwestelijke Delta beslaat Zeeland, zuidelijk Zuid-Holland en het westelijke deel van Noord-Brabant. Het gebied vormt een natuurlijke eenheid met veel gemeenschappelijke kenmerken, zoals het spel tussen water en land, de vruchtbare bodem en het ecosysteem. Vandaar de keuze voor een provincieoverschrijdende aanpak van thema’s als biodiversiteit, verzilting en bodemkwaliteit.

ZLTO onderzoekt welke kansen er zijn voor een toekomstbestendige landbouwsector.

Reageren op dit bericht

Voor jou als lid is het mogelijk om te reageren op dit bericht

Inloggen