Veehouders wachten op ‘Time to market’

Stallen
Nieuwe Oogst - Jasper Schel

De brabantse Omgevingsverordening hangt nog steeds als een zwaard van Damocles boven de hoofden van veehouders. Een amendement van Lokaal Brabant, 50Plus, CU/SGP en Forum voor Democratie, genaamd ‘wijziging datum verplichte stalaanpassingen’ was de zoveelste poging om het tij ten gunste van de veehouderijsector te keren.


Maar ook deze aanval op het strenge Brabantse veehouderijbeleid, op 11 maart tijdens de Provinciale Statenvergadering, werd door een meerderheid in de kiem gesmoord.

De deadline van 1 januari 2024 is niet van tafel en dus begint de tijd meer dan te dringen voor veehouders om een emissiearm stalsys-teem te implementeren. Er is wel een stoppersregeling aangenomen waarmee bedrijven die niet meer willen investeren in nieuwe stalsystemen, hun bedrijf kunnen voortzetten tot 2028 als ze minder dieren gaan houden.

Time to market

Gedeputeerde Staten schermen met het rapport ‘Time to market’ dat, waarschijnlijk, voor de zomer gereed is. Daarin staat beschreven welke brongerichte stalsystemen beschikbaar zijn voor de verschillende veehouderijsectoren en wanneer ze klaar zijn voor gebruik. Met deze stalsystemen zouden veehouders moeten kunnen voldoen aan de Brabantse emissie-eisen van 2024.

Hoewel ZLTO-bestuurder Arno van Son niet had verwacht dat het provinciebestuur nog een draai zou maken, blijft de frustratie groot. ‘Veel emissiearme systemen zijn nog nauwelijks praktijkrijp en er is bij veehouders nog veel onzekerheid over het beste systeem voor hun bedrijf. Bovendien zorgen de financiering en het vergunningentraject voor onzekerheid.’ Ook komen er na 2023 veel middelen van het Rijk beschikbaar. Daar kunnen Brabantse bedrijven geen gebruik van maken.

De beschikbare stalsystemen zijn volgens Van Son vaak nog onbetaalbaar. ZLTO pleit er al langer voor dat de onrendabele top eraf moet om het betaalbaar te houden voor veehouders.

Van Son: ‘Al met al vinden we het nog steeds onbegrijpelijk dat de provincie stug vast blijft houden aan de deadline. Ook met het oog op de komende gebiedsgerichte aanpak frustreert dit de zaken enorm.’

Laatste punt in de vastgestelde Omgevingsverordening is dat er een motie is aangenomen voor een differentiatie in kavels bij de regeling ‘ruimte voor ruimte’. Daarmee kan het mogelijk worden om niet alleen grote woningen, maar ook voor andere segmenten te bouwen via ruimte voor ruimte.

Een deel van de regels treedt in werking in april. De rest volgt als de Omgevingswet in werking treedt, naar verwachting eind 2022 of begin 2023.

Minister De Jonge voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening wil dat de Omgevingswet op een verantwoorde manier wordt ingevoerd en liet eerder dit jaar de inwerkingtredingsdatum van 1 juli 2022 los.

Bundeling wetten

De Omgevingswet bundelt en moderniseert de wetten voor de leefomgeving. Hierbij gaat het onder meer om wet- en regelgeving over bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur.

Dat betekent van 26 verschillende wetten naar één wet, van zestig Algemene Maatregelen van Bestuur naar vier en van 75 ministeriële regelingen naar één Omgevingsregeling.

Reageren op dit bericht

Voor jou als lid is het mogelijk om te reageren op dit bericht

Inloggen